Aan het eind van elk studiejaar in de Bodymind opleiding heb je een toonmoment. Nu in het derde jaar ga ik er voor het eerst onvoorbereid heen. Dat had ik de voorgaande jaren zeker niet gedurfd. In mijn achterhoofd zit het idee: “misschien ga ik wel zingen”. Ik begin met een oude oefening uit het licht-schaduwwerk. Ik vraag de groep alles wat ik zeg te herhalen of te bevestigen. Ik benoem mijn lichtkant: “Ik ben lief”. De groep kijkt mij vriendelijk aan: “Jij bent lief”. Even een paar keer herhalen om te proeven hoe dat voelt. Ik heb mijn eigen bedding gecreëerd. Ik voel me veilig, verbonden en begin voluit te zingen. Een Afrikaans lied dat vraagt voor een goede oogst. Ik geniet van mijn stem en de trommel die het begeleidt. Mijn stem voelt vrij. Geen angst om fouten te maken, maar er vol ingaan. Iets wat ik al veel Afrikanen heb zien doen, waar ik zelf toch vaak geremd ben door allerlei angsten.

Iedereen kent dat wel, die ervaring dat als je ergens in gelooft je het ook veel beter kunt. En omgekeerd dat als je de overtuiging mist, het helemaal niets wordt. Bij NLP gebruiken ze de theorie van Robert Dilts van de zes logische niveaus om dat proces nog wat beter uit elkaar te rafelen (zie illustratie). Ik wil zingen dus ik creëer voor me zelf de juiste omgeving, een bedding waar ik me verbonden en veilig voel. In mijn gedrag ga ik steeds vaker oefenen en neem zangles. Ik leer vaardigheden als buikademhaling en een goede houding. Ik krijg de overtuiging dat ik kan zingen en het wordt zelfs een deel van mijn identiteit: ik ben zanger. Als ik zing met een groep, terwijl iedereen zijn eigen ritme speelt, krijg ik nog meer een gevoel van verbondenheid, blijdschap en samenzijn. Dit is mijn missie: via de muziek de mensen samenbrengen.

Ik heb de stappen nu van onder naar boven doorlopen, maar zoals je aan de pijlen kan zien, gaat het proces in beide richtingen. Je kunt dus op elk niveau beginnen om een verandering in het werk te stellen. De andere niveaus komen onbewust in hun eigen tempo altijd mee. Zo kun je zowel de geest als het lichaam, als ingang van therapie nemen. Freud richtte zich voornamelijk op de geest om tot genezing te komen (praten, praten, praten), maar zijn leerling Wilhelm Reich, de grondlegger van de lichaamsgerichte psychotherapie, betrok juist het lijf er veel meer bij. Je kan een lichaam lezen en vanuit iemands houding al zijn thema vermoeden, ontdekte Reich. Lichamelijke oefeningen en aanraking horen bij de therapie. De geest is niet meer heerser over het lichaam, maar beide staan in constante wisselwerking.

Het wegvallen van de hiërarchieën is een historische ontwikkeling die je terugziet in alle aspecten van onze cultuur. ‘God is dood’ zei Nietzsche. Daarmee bedoelde hij ook het fundament dat al onze hiërarchieën, waarden in stand houdt. Geen koningen of dictators meer, maar democratie. Geen vaders meer als hoofd van het gezin, maar gelijkwaardige partners en in de opvoeding noemt een zoon zijn vader Piet. Wie verdedigt er niet de multiculturele samenleving? Het is iets waar we als moderne mensen doorgaans trots op zijn. Gelijkheid in plaats van hiërarchie is deel geworden van onze identiteit.

Voor de therapeut betekent het dat hij zich niet meer boven de client stelt. Het woord patiënt gebruiken wij daarom al minder graag. Samen ga je op zoek naar oplossingen, waarbij het uitgangpunt is dat de antwoorden al in de client liggen opgeslagen. De therapeut heeft technieken geleerd om deze vrij te maken. Het maakt ons kwetsbaar dat er geen oplossingen meer van bovenaf zijn. Wij moderne mensen worden gevraagd om zelf te gaan staan voor onze missie. Niet altijd gemakkelijk, maar het kan beginnen met eenvoudig de basishouding te leren vanuit het lijfwerk. De basishouding is een manier van staan waarbij de energie optimaal kan stromen door je lichaam. Ook een heel gezonde oefening als je niet ziek bent (ook de hiërarchie gezond en ziek is aan het kantelen), maar gewoon op zoek bent naar wat persoonlijke groei.

Probeer het eens, maak kennis met Lijfwerk!